Laatste berichten

Laatste reacties

web-log.nl, powered by TypePad
Geluk

Een onbestemd gevoel had mij deze namiddag in zijn greep. Ik kon niet duiden waarom, hoe of wat, maar ik was opeens melancholisch. Yesterday knalde uit de oortjes (uit het linkeroortje trouwens, want de andere had het net in de bus begeven. Geen idee waarom, want de draadjes waren nog in perfecte staat en ik had er niet, zoals ik vroeger deed, op zitten knauwen) van mijn lichtgroene Ipod en plotseling leek het of alles wat ik deed geen zin had. Of mijn leven bestond uit dingen die morgen weer ongedaan zouden zijn, niets meer waard. Dat ik vandaag wel dingen kon doen, maar dat de morgen alle gedane dingen weer in het niet zou laten verdwijnen. Dat gisteren altijd beter was dan vandaag. Ik staarde voor me uit, vechtend tegen tranen die er niet waren, mezelf fixerend op het weeïge gevoel in mijn onderbuik en ver in mijn onderbewustzijn op zoek naar antwoorden. Bus 3 kwam voorbij, stopte en vertrok weer. Al die tijd ging aan me voorbij, alsof er geen tijd bestond. De oude vrouw die me zag hangen op de stenen railing van de trap tikte me op mijn schouder. “Gaat het wel, jongen?”, vroeg ze. Ik verbrak mijn zoektocht naar antwoorden en zei haar dat het goed ging, dat ik alleen even in gedachten verzonken was. Eerlijk was ik niet tegen haar geweest, realiseerde ik mezelf spijtig toen ze zich alweer had omgedraaid. Ik had me nog nooit zo diepongelukkig gevoeld.

Maar wat is geluk?

Geluk is een weerloos oud vrouwtje, alleen op straat, met een bom geld.

(Herman Finkers – Geluk)

PS. Dit keer een interactieve blog. Ik lees graag jullie visie hierop en hoe jullie dit zien. Ik ben heel erg benieuwd, dus reageer alsjeblieft.

PPS. En uitgebreid…

Avatar

Het is 2030. Ik sluit mijn ogen. Het licht schijnt op mijn gesloten oogleden. Iemand sluit de sensors op mijn hart, mijn spieren, mijn hersenen aan en doet de klep van mijn hypermoderne sarcofaag dicht. Ik voel me verdwijnen van mijn eigen lichaam, mijn ziel gaat door een aantal draadjes. Ik verlies mijn bewustzijn. Dan open ik mijn ogen. Maar ik ben geen Steven meer. Mijn ziel is dezelfde, maar het lichaam is verdwenen. Daarvoor in de plaats is een vervanging gekomen. Ik voel me een asielzoeker in een ander lichaam. Een ziel zonder lichaam in een lichaam zonder ziel. Één + één = één. Ik ben mijn Avatar.

Ja, ik ben naar de film Avatar geweest, en ja, ik weet dat het verhaal (zoals dat van Titanic trouwens) van slapheid aan elkaar hangt. Maar de prachtige filosofische gedachte achter het verhaal kon ik niet laten liggen. Avatars bestaan (nog) niet. Helaas. Maar wat zou het prachtig zijn. verdwijnen uit het ene lichaam, doorgaan in de andere. Je zou alles achterlaten, maar je geest met je meenemen. Waar zou je zijn zonder dat ongrijpbare stukje mens? Je zou een volledig nieuwe mens in een volledig ander lichaam kunnen zijn, hoeft niet eens een mens te zijn. Zoals er in Avatar de Na’vi zijn.

Ik heb de laatste tijd steeds meer de neiging om binnenkort, plotseling, zonder het te melden, even twee weken van de aardbodem te verdwijnen. Steven loslaten, om weer Steven te worden. En deze film sloot daar feilloos op aan. Wat zou ik graag, met dezelfde ziel, een ander lichaam bevolken! Een lichaam dat één is met de, maar vooral zijn natuur. En nee, dan hoef je niet met bomen te knuffelen. Maar gewoon het contact hebben met dieren, planten en andere levende wezens. Voelen wat zij voelen, zien wat zij zien, samen kunnen leven. Dat hebben wij als mens lang geleden helaas verleerd. Ik ook. Want wij rijden in auto’s, kijken graag naar de televisie, maar ook zijn er nog nooit zoveel mensen naar de psycholoog geweest. Contact wordt vluchtiger en dat komt niet door moderne middelen, zoals Trix het zo mooi en wereldvreemd bracht. Nee. Mensen staan steeds verder van zichzelf af, zijn bang voor wat ze merken, voor wat ze voelen, om uiting te geven aan wat ze het liefst zouden willen. Schijn ophouden is onze tweede natuur geworden. En het wordt steeds moeilijker dat starre masker te laten vallen.

In je eentje is dat masker niet nodig. Daarom moet je sommige dingen eerst alleen doen. Maak contact met wat er om je heen gebeurt, er om je heen is. Maak eens een wandeling met wat muziek op de je oren, muziek die aansluit bij wat je ziet. Voel de zolen van je schoenen over het zand lopen, het schuren van de korrels zand. Die wesp verdwijnt wel weer, zolang je hem maar respecteert. Voel het vleugje wind dat langs je gezicht waait, die plant langs je been kriebelt. Stel alle zintuigen die je hebt volledig open. Het is een compleet nieuwe ervaring.

Ik klink zweverig, ik heb het al in de gaten tijdens het schrijven van de blog zelf. Maar het is niet zweverig en ik schaam me er niet voor. Lees dit, reageer of reageer niet, jouw keuze, maar denk er minimaal even 1 minuut over na. Dit is voor mij het begin te kijken hoe ver ik kan gaan in het contact krijgen. Het begin is digitaal.

Het is nu 16 januari 2010. Mijn begin ligt op zaterdagnacht 01:30 exact. Daar gaan we dan.

Blijven lopen, maar af en toe achterom kijken.

Blijven lopen, maar af en toe achterom kijken.

Ik lig in bed, het is kwart over twee. De slaap komt maar niet. Klaas Vaak laat het afweten. Toch maar weer even, na lange tijd, een blog plaatsen. Wederom over de dood. Dit keer niet omdat ik er over wilde filosoferen. Nee, dit keer omdat ik gisteren (16 juni 2009) weer werd geconfronteerd met onze eeuwige opponent. Het is geen vijand. Wel een tegenstander. Een tegenstander die ontweken moet worden, wil je leven. Een geduchte, maar desondanks rustige tegenstander. Hij wacht, en wacht, en wacht. Totdat iemand klaar is met zijn leven en hem dan in een innige, maar onomkeerbare omhelzing neemt.

Het leven is prachtig. Een lange weg van momenten van geluk (ik denk namelijk dat geluk geen constante is, maar een stemming; een aaneenschakeling van mooie momenten. Daarover later meer), momenten van liefde, van plezier. Maar ook met dieptepunten: verdriet, pijn en leed. Maar juist die zware momenten in je leven maken jou als persoon. Want waar geen dieptes zijn, zijn ook geen hoogtes. De meeste mensen vechten zich erdoorheen, door dieptes die niemand ooit voor mogelijk houdt. Maar heel af en toe zijn er mensen die niet meer verder kunnen. Mensen die zo diep zitten, dat de heldere blauwe lucht die aan de hemel staat, niet meer te zien is, vanuit de put waarin zij zich bevinden. Mensen die zich vastgrijpen aan het zwarte om hen heen, in plaats van aan de kleine lichtpuntjes die zich ver boven hun hoofd begeven. Wat maakt het leven zo zwart, dat je niet meer terugschrikt bij het idee je opponent op eigen keuze te omhelzen?
Ik kan niet begrijpen wat er in een hoofd omgaat, als iemand besluit een eind aan zijn leven te maken. Kan het eigen leed groter zijn, dan het leed wat je creëert? Ik betwijfel het. Want je laat altijd mensen achter, mensen die om je geven, mensen die van je houden. Er is, in mijn ogen, geen grotere daad van egoïsme. De dood is af en toe een makkelijke keuze, maar nooit de beste. Je laat alles en iedereen achter, mét de rotzooi die je zelf nog bij je droeg.

Maar er is ook een andere zijde. Een opperste staat van geluk tegenover een opperste daad van egoïsme, is dat zo slecht? Je laat dan wel je leven achter, een leven schijnbaar ongelukkig, maar je krijgt er een staat van zorgeloosheid en geluk voor terug. Je wil gewoon het beste voor jezelf. Kun je iemand gunnen, ook al is het onbegrijpelijk, nu, dood, beter af te zijn dan in het leven zelf? Ik denk het wel. En kun je het niet, moet je het toch proberen. Want er valt nu niets meer terug te draaien. De klok tikt door, elke minuut, elke seconde van je leven. Voor je eigen gemoedsrust is het beter om, hoe moeilijk ook, er vrede mee te hebben. Ik zeg niet dat er niet gehuild mag worden, niet gerouwd mag worden. Maar je eigen leven gaat verder. En elke seconde gerouwd is een seconde niet genoten. Jouw eigen leven is belangrijker dan dat van iemand anders. Je kunt niet stil blijven staan, je moet blijven lopen. Je kunt wel af en toe achterom kijken.

Ik heb vandaag een rare dag gehad. Onverklaarbaar en verklaarbaar verdriet , rust, bezinning, humor, steun en troost wisselden elkaar in een hoog tempo af. Nu dit geschreven. Voor mijzelf, maar ook voor iedereen die dit leest en denkt: hier kan ik wel iets uithalen. Je hoeft het niet met me eens te zijn, maar mocht je dat wel zijn, haal er dan uit wat je wil.

Welterusten.

I will not say: do not weep, because not all tears are an evil

(J.J.R Tolkien - The return of the King)

PS. Graag zou ik ook reacties willen hebben. Waarmee niet eens, maar vooral waarmee wel.

Op zoek naar het verliezen

Op zoek naar het verliezen

Ik lees. Heel veel. Ontzettend veel. En snel. Heel snel. Maar vooral graag. Boeken maken een belangrijk deel van mijn leven uit. Het is een vlucht uit de gemaakte harde wereld naar een plek, verzonnen door de auteur, waar je je kunt verliezen in het doen en laten van de hoofdpersoon, daarbij jezelf en de tijd, wat dat ook mag zijn, vergetend. Want dat doe ik graag. Mezelf en de tijd vergeten, verloren gaand in letters, pagina's en hoofdstukken.

Soms is het echter onmogelijk me te verliezen. Dan zijn er dingen die nooit vergeten worden, die ik nooit verlies. Dingen die ik in mijn hoofd hou, ondanks mijn vlucht naar vrijheid. Zaken die indruk gemaakt hebben, ervaringen uit lang verleden tijden of herinneringen die weer opgerakeld zijn na het praten met vrienden of het lezen van een herkenbare passage. Zij zullen nooit verdwijnen. Het geluk of de pijn, zoals ik die voel, zal nooit door iemand anders op die manier ervaren worden. Het is volledig persoonlijk. Daarom ben ik ook de enige die iets kan doen aan mezelf.

Het is dus vooral leerstof voor mijzelf. Alles gebeurt met een reden. Al is die reden af en toe onmogelijk te herleiden of te volgen. Het heeft namelijk allemaal te maken met het maken van keuzes. Ons hele leven wordt beheerst door twee simpele woordjes. Ja en Nee. Zoals ik al ooit geschreven heb, bestaat er geen toeval, alleen het samenvallen van twee (eigenlijk veel meer) gemaakte keuzes. Het is aan ons die keuzes te begrijpen en te kijken waarom juist die keuze gemaakt wordt. En dan kom je altijd terecht bij dezelfde zaken: herinneringen, ervaringen, indrukken. Juist! De zaken die ons beletten te vluchten, maar ook de zaken die ons iets leren.

Het komt (voor mij) eigenlijk hierop neer: als ik die zaken begrijp, dan begrijp ik mijn keuzes. Ik ben dus druk doende te begrijpen. Als ik mijn keuzes begrijp, dan kan ik van mijn ervaringen etc. leren. En als ik er dan van geleerd heb, kan ik het met een etiketje erop in de grote vitrinekast van mijn leven plaatsen, bruikbaar op elk moment. En als ik dat heb gedaan, kan ik me weer verliezen. Gek eigenlijk, op zoek zijn naar het verliezen.

Ik ga weg
Ik ga lopen, ik ga lopen tot de zon komt
Ik ga weg
Tot de zon me achterhaalt
Lopen tot de zon komt
Tot 'ie straalt

(Acda en de Munnik - Lopen tot de zon komt)

PS. Dit liedje heeft voor mij nog een betekenis, buiten jezelf verliezen. Het is ook het nummer waarmee ik voor het eerst aan een musicalauditie meedeed. Het leverde me een hoofdrol op.

Het is net als knikkeren

Het is net als knikkeren

Waar gaat het heen met de liefde? Liefde moet iets moois, iets intiems, iets speciaals zijn. Maar wat is er aan de hand met de liefdesmoraal die Nederland over heeft genomen? Jongeren 'hsvv' elkaar, zijn Niet Te Breken en Willen Elkaar Nooit Meer Kwijt, om even de meest gebruikte termen te hanteren. Ik begrijp dit niet. Hoe kun je als kind van 11, 12, 13 dit al weten?

Toen ik die leeftijd had, vroegen we nog verkering en was je enorm blij als je vriendinnetje een tekeningetje maakte in je map, agenda of la: Steven 'hartje' ....... (Ik zal geen mensen in een lastig parket brengen, ook mezelf niet) Waar komt deze omslag vandaan? Deze moraal zorgt er namelijk voor dat jongeren aan de term 'Ik hou van jou' geen waarde meer hechten. Wat betekent het nog als iemand zegt van je te houden, als ook haar beste vriendinnen dit regelmatig tegen hen gezegd krijgen? Weinig tot niets, het betekent bijna niets meer. Het speciale en intieme is eraf.

Het eind is nog niet in zicht. De trend is gezet en niemand weet wanneer deze eindigt. Ik denk en hoop daarom dat het op knikkeren gaat lijken. Knikkeren? Ja, knikkeren. Één iemand begint, 's middags heeft bijna iedereen zijn knikkerzakje bij zich en een aantal weken later houdt het plotseling op. Niemand weet waarom. Ik was altijd degene die met zijn knikkerzakje het schoolplein opkwam en tot zijn grote spijt zag dat niemand meer aan het knikkeren was. Stond ik daar, met mijn zakje waar de geest uit Aladdin op stond en met tranen in mijn ogen, mezelf vervloekend dat ik me weer voor paal had gezet.

Maar zet de trend zich door, dan vrees ik voor de liefde van die generatie, als zij 17, 18 zijn. De liefde op zich zal hetzelfde zijn als wij en zij nu ervaren, maar hoe kun je aan je vriendje of vriendinnetje nog duidelijk maken dat hij of zij heel speciaal is?

"Lieverd, Ik hou van je. Wij gaan echt voor altijd samen zijn"
"Volgens mij zei je dat ook tegen je ex-beste vriendin"
"Ja, maar dit is anders"
"Hoezo anders?"
"Ja, gewoon anders"
"Dus je loog tegen je beste vriendin?
"Hoezo dat?"
"Nou, daar hield je ook van en jullie waren ook niet te breken, maar dat was niet helemaal de uitkomst, wel?"
"Nee, maar nu meen ik het"
"Hoe weet ik dat?"

Wat is de oorzaak van dit alles? Internet? De romantiek die verdwijnt omdat je heel gemakkelijk per sms of per msn iemand kunt vertellen dat je iets om haar geeft? ik denk het wel. Maar ik denk ook dat er nog iets anders achter zit. De onzekerheid over je vrienden in die periode. Het fijn vinden dat je gewaardeerd wordt en dat ook wil horen. Hoe kun je het beste laten merken dat je iemands vriend(in) bent, dat je dat waardeert, maar dat je het ook terug wil krijgen? Met de in het begin genoemde afkortingen. Verder geen idee hebben wat 'houden van' en 'voor altijd' inhoud, maarja...iedereen zegt het.

Stiekem ben ik wel jaloers hoor. Ik weet dat ik nu stiekem terugverlang naar de tijd toen ik 11, 12, 13 was. De tijd van vlinders en je totaal geen houding weten te geven. Het nog bang zijn voor de reactie van je potentiële vriendinnetje. De onzekerheid. Ik weet nu wat ik toen in de agenda van mijn grote liefde had moeten schrijven: Eey sgatje, hsvvj wjnmk ntb en wie ons breekt, breken wij. Lysm!!

Want ik hou van jou, is niet de sleutel tot de ander,
Maar ik hou van mij, al klinkt het bot en slecht.
Want wie van zichzelf houdt, die geeft pas echt iets kostbaars,
Als 'ie ik hou van jou, tegen een ander zegt.

(Harry Jekkers - Ik hou van mij)

PS. Ik wil heel graag weten hoe jullie hierover denken, dus reageer alsjeblieft!

De kluis van het kunnen

De kluis van het kunnen

Ik heb het er al vaker over gehad, maar aangezien het toch het orgaan is waar ik mijn blogs uit haal, is hier weer het onvermijdelijke onderwerp: het brein. Alweer? ja, alweer! Maar nu met een totaal andere insteek. Ik ga het namelijk hebben over het gebruik van de grijze massa in onze schedel.

Zal beginnen met een ontkrachting: Het is een fabeltje dat de mens maar 10% van zijn brein gebruikt. Je gebruikt namelijk zo'n 90%. Dit gezegd hebbende ga ik over naar het probleem. Dat probleem is het volgende: we gebruiken onze hersencapaciteit nooit volledig. Het is altijd het ene deel in combinatie met het andere, maar nooit allemaal tegelijk. Wetenschappers hebben geprobeerd uit te zoeken waar dat vandaan komt en waarom we dat doen (of juist niet), maar kunnen geen enkel bewijs op tafel leggen. We zijn ergens toe in staat, maar om het een of ander heeft Mama Natuur dat beperkt. Ik denk dat de 10% die we niet gebruiken in een soort beveiligde opslag ligt.

Waartoe zijn wij in staat als we dat resterende deel ook kunnen gebruiken? Zouden we dingen kunnen die niemand zou verwachten? Zouden dingen als telepathie of paranormaliteit daar misschien in zijn opgesloten, als ware het brein een grote kluis en alleen de combinatie van een aantal delen van de hersenen is de sleutel tot de inhoud? Zouden we, net als Harry Potter kunnen toveren, net als Mathilda krijtjes kunnen laten vliegen met alleen gedachten? Ik mag hier graag over nadenken.
Ik denk veel na. Heel veel. Wanneer doe ik dat het liefst? Als ik rustig ben. Ik rustig? ja, ik rustig. Ik mediteer namelijk, of waag in ieder geval pogingen tot meditatie en warempel! Ik kan mezelf beter concentreren, kan tijdens de meditatie alles van me af laten glijden en gewoon alles even laten zoals het is. Word ik rustig van en kan ik dus goed nadenken. Dit terzijde.

Ik denk dat dit kinderlijke verlangen naar magie misschien wel mijn grootst bewaarde geheim ooit is. Nu niet meer natuurlijk. Ik droom er namelijk van: erachter komen dat die overige 10% de mens in staat stelt dingen te doen, die onmogelijk lijken en alleen voorkomen in boeken en films. Ijdele hoop waarschijnlijk, maar desalniettemin geweldig om over te filosoferen. Wat zou ik graag een bal van energie kunnen oproepen uit de palm van mijn hand!
Dit is echter niet eens ijdele hoop. Dit bestaat. Er is een groep monniken ergens in een ver Aziatisch land, die hun aura zo vol energie kunnen pompen dat het voor een buitenstaander onmogelijk is, binnen een bepaalde straal bij deze persoon in de buurt te komen. Het is dus mogelijk! Driewerf hoera! Ik ben benieuwd, wat de uitslagen zijn als zij op hun hersenactiviteit getest worden. Misschien hebben zij een kleine spleet weten te maken in de grote kluis en halen zij daar hun profijt uit.

In mijn ogen is het overduidelijk. Mensen kunnen veel meer dan we nu denken. Als wij die 10% bij de resterende 90 kunnen plakken, als we die kluis kunnen openen, dan zijn we tot dingen in staat, grootse dingen. Maar tot die tijd zullen we moeten dromen. Dromen van ongekende krachten, geweldige spreuken, ongeëvenaarde energieën! En papa zijn! (zie Papa's Droom)

KA....MEEEE....HAAAAA.....MEEEEEE...HAAAAAAAAAAAA!!!!!!!

(Vrij naar de strip Dragonball Z)

PS. Ik wil Post Scriptum iedereen nog iets meegeven: Alles wat ik hier zeg en schrijf, is allemaal ontsproten uit mijn brein. Ik leg dus misschien links die niet kunnen, ik trek misschien verkeerde conclusies, ik ben chaotisch. Elk feit dat vernoemd wordt, is gecheckt, maar ik durf niet met de volle 100% te beweren dat alles klopt. Ik schrijf gewoon op wat in me opkomt en waar ik over kan praten. Ik ben dus geen expert, maar gewoon een nieuwsgierige blogger, die graag filosofeert.

Papa's Droom

Papa's Droom

Ik werd vanochtend wakker en wat had ik? Een raar gevoel. Waarom? Omdat ik gedroomd had. Ik zal er niet te lang over doorgaan, maar wakker worden van een 'in je droom' jankende baby is geen succes. Ik deed mijn ogen open en lag opeens in mijn eigen bed, terwijl ik zeker wist dat ik eruit moest om even bij de baby te gaan kijken. Maar dan komt je besef terug: ik een kind? Haha, nee, de eerstkomende vijf jaar zullen we de wereld dat nog zeker onthouden. (En er moet natuurlijk eerst een Mevr. Mulders komen) Maar de droom was zo levensecht geweest, dat ik me er gewoon raar onder voelde. Ik voelde mijn 'papa-zijn' afgenomen worden. En dat is gek, erg gek, als je nog nooit een kind hebt gehad.

Iedereen heeft dit wel eens. Wakker worden en deels nog verder dromen, het wankelen tussen bewust- en onderbewustzijn. Je nog niet beseffen dat het een droom is geweest. Maar wat is een droom eigenlijk? Sigmund Freud was ervan overtuigd dat je frustraties en ervaringen, die op je onderbewustzijn een grote indruk maken, 's nachts terugkomen om daar te verwerken en als droom te worden uitgezonden. Als je mijn droom dan zou verklaren, dan zou het er kortweg op neer komen dat ik heel graag papa wil worden.

Dromen zijn dus eigenlijk een verlengstuk van je hersenen, om je misschien wel bewust te maken van iets onderbewust. Het zou, om even in de ijsbergtheorie te spreken, de manier zijn om de ijsberg boven het water uit te krijgen, stukje bij beetje. Maar waarom denken wij niet langer na over onze dromen, als die wel veel over ons kunnen vertellen?

Ik denk dat het angst is, maar ook onwetendheid. Niet elke droom onthoud je, maar degenen die wel onthouden worden, zijn te surrealistisch om serieus over na te denken. Ik droom graag, al is een dagdroom wel iets anders qua samenstelling, omdat het een droom is die je met je bewustzijn samenstelt en niet komt bovendrijven. Maar een echte droom kun je niet controleren, die gaat zoals hij moet gaan. Die houdt geen rekening met die leuke meid, dat enge monster of met je financiële problemen. Er wordt geen onderscheid gemaakt tussen angst, lust, liefde, plezier. Het heeft geen filter, geen oogkappen. Daarom zijn dromen belangrijk. Erg belangrijk. Want het vertelt je, uitzonderingen natuurlijk daargelaten, enorm veel over je onderbewustzijn en hoe dat op het moment bezig is met werken.

En dan nog is er de keuze: kijk ik naar mijn droom en probeer ik er iets uit te halen of laat ik de droom de droom en ga ik verder met mijn eigen leven, zoals mijn bewustzijn zegt? Ik denk dat even stilstaan bij wat je gedroomd hebt, wel goed voor je is. Want je droomt niet voor niets. Maar het blijft een hersenspinsel. Consequenties zijn dus niet noodzakelijk. Ik ga nu ook niet zo snel mogelijk een kind verwekken.

Het belangrijkste is om de droom gescheiden te houden van het echte leven, dat je jezelf niet door de droom laat beheersen. Want de droom is het onderbewuste en je echte leven is het bewuste. Die horen niet samen te gaan in het dagelijkse. Maar af en toe is het toch leuk te dagdromen. Dan ga ik dat nu nog even doen...

'Ah, koetjiekoetjiekoetjie. Moest 'ie zo hard huilen? Shhhhhhhh... Lust 'ie van een lekker flesje...??'

(Vrij naar: Steven's droom, maandagochtend 6 oktober 9.13)

Oogkleppen van de fantasie

Oogkleppen van de fantasie

Fantasie. De hersenspinsels van de geest. De ongebondenheid van gedachte tegenover de echte wereld. Een kind ziet het verschil tussen fantasie en werkelijkheid niet. Het verschil tussen de ongebreidelde vrijheid en de gecensureerde werkelijkheid. Wat is de zienswijze van een kind toch prachtig! Die kabouter bestaat echt, die zwarte malloot op het stoomschip is echt een neger en is de hulp van een man met een witte baard en een mijter op, die cadeautjes brengt omdat je lief bent geweest. Geen twijfel is aanwezig, het vertrouwen ontzettend groot. Waarom maken wij (de volwassenen) daar toch een eind aan?

Er komt een moment dat je tegen je kind zegt: "Quinten, ik moet je iets vertellen. Sinterklaas bestaat niet en zwarte piet is niet echt, dat is Ome Wil, zwartgeschminkt." Wij laten hiermee de kleurrijke zeepbel van het jonge kind klappen, waardoor hij met een ander beeld naar de werkelijkheid gaat kijken. Wij geven het kind de oogkleppen die het de rest van zijn leven op zal houden. Ik vraag me af hoe wij de wereld zouden zien als die oogkleppen zouden verdwijnen of we ze nooit zouden krijgen, oftewel: dat we onze vrije kijk, onze fantasie de vrije loop zouden kunnen laten, zonder beperking van de werkelijkheid.Opeens zou de wereld sowieso meer monsters bevatten. Opeens is elk boek non-fictie. Opeens is elke film waargebeurd. Wat moet dat prachtig, maar ook angstaanjagend zijn.

Zouden wij beschermd zijn door onze ouders, doordat ze ons die oogkleppen hebben opgezet? Zodat we de enge fantasie de enge fantasie kunnen laten en altijd terugkunnen naar de veilige realiteit? Ik denk het wel. Want de vrijheid te fantaseren is nog steeds aanwezig. Alleen wordt dit beperkt tot het brein en verplaatst het zich niet naar de realiteit.
Er zijn uitzonderingen. De natuur heeft er zelfs een ziekte voor, om de uitzonderingen uit te kiezen. Alzheimer. Alzheimer zorgt ervoor dat de hersenen in een steeds groter staat van verval geraken. Dat is nu eenmaal de ziekte. Maar is dit wel zo erg? Mensen met Alzheimer duiken terug in de tijd, qua herinneringen. Ik hoop en ik denk, dat op een gegeven moment, de oogkleppen afvallen. Dat ze weer ongegeneerd kunnen fantaseren, zich weer jong wanen en het dan ook echt zijn. De fantasie weer volledig op volle toeren kunnen laten draaien. 'En ja, dat ik dan die gekke meneer niet meer herken, dat zal me een worst zijn. Ik ben weer jong!'

Ik utopiseer echter. We zullen het nooit weten of de ziekte dit doet. Ik wil van mijn lang-zal-ze-leven geen Alzheimer. Natuurlijk kan ik daar niet voor kiezen, maar mocht het zo zijn, dan duw mij maar een kussentje op mijn gezicht en laat me maar inslapen. Ik wil de kans niet lopen terug te gaan naar mijn jeugd en de wereld zonder oogkleppen. Daar is mijn fantasie te groot voor en daardoor te gevaarlijk voor mezelf. Dat houd ik liever in mijn brein.

De zichtsbeperking die onze ouders ons hebben gegeven in onze vroege jeugd is er dus niet voor niets. Het is om te beperken, maar vooral om te beschermen. Te beschermen tegen jezelf en je ook voor te bereiden op de harde werkelijkheid. Ik ben blij dat ze me die oogkleppen gegeven hebben. Anders had ik nu nog in de Schijnheiligman geloofd!

You take the blue pill, the story ends, you wake up in your bed and believe, whatever you want to believe. You take the red pill, you stay in Wonderland and i show you how deep the rabbit hole goes.
Remember! All i'm offering is the truth, nothing more.


(The Matrix)

PS. Klaas, bedankt voor het idee!

De willekeur van het brein! (Revised)

De willekeur van het brein! (Revised)

Het duurde wat langer dan gepland, maar hier is er dan toch weer één. Met een groot probleem: Ik heb geen idee waar ik over moet schrijven. Na mijn twee vorige blog's heb ik te maken gehad met een writer's block. Ik heb niets wat ik noemenswaardig vond. Ik heb mijn verjaardag gevierd, ik heb nagedacht over het zinloze van de uitspraak: 'Bewaar die kleren nog maar even voor 1e kerstdag, dan zie je er mooi uit.' (Je mag de deur niet eens uit, laat mij gewoon in mijn badjas en onderbroekje rondlopen de hele dag, als ik daar zin in heb) en ik heb gelezen. Veel gelezen. Ik heb voor mijn verjaardag een aantal boekenbonnen gehad en die heb ik heerlijk uitgegeven. Zo heb ik een nieuw boek van Haruki Murakami gekocht: De Opwindvogelkronieken. Door veel mensen getipt als één van de beste boeken van de afgelopen decennia. Waarom weet ik niet, daarom lees ik het nu. Nader verslag komt nog.

En toen bedacht ik me opeens waarover ik ging schrijven: De willekeurig van ons brein. Waarom kan ik niets bedenken om over te schrijven, terwijl ik er naar op zoek ben? Waarom schiet de naam je altijd te binnen, als het te laat is? Je brein is een gek orgaan. Het leidt zijn eigen leven, zo lijkt het. Soms kun je je gedachten niet van iets afzetten, hoe erg je dat ook probeert. En aan de andere kant vergeet je iets, juist wat belangrijk was.  Voor iemand die graag controleert, is zoiets heel erg frustrerend. Ik kan dus namelijk niet altijd vertrouwen op mijn verstand en dat vind ik eng. Natuurlijk is je gevoel ook heel belangrijk, maar je gevoel komt wetenschappelijk gezien uit je hersenen, al zijn daar discussies over mogelijk.

Als je niet altijd kunt vertrouwen op je brein, op wat kun je dan wel vertrouwen? Op je hart, natuurlijk, maar je hart heeft het ook niet altijd bij het rechte eind en word vaak gemanipuleerd door iets wat in je hoofd speelt. Is je eigen lichaam dan wel te vertrouwen? Je lichaam is meestal in staat tot dingen die je hersenen aangeven, maar niet verder dan een bepaalde grens. Af en toe is het brein in staat tot dingen, die het lichaam eigenlijk niet kan, die over een grens gaan. Ik geef hierbij een voorbeeld. Afgelopen weekend heb ik een Kennedymars gelopen, dat is een tocht van 80 kilometer, aan één stuk door. Zaterdags om 21.00 beginnen en binnen 20 uur binnen zijn. De eerste 40 kilometer gaan puur op het lichaam, maar daarna is het geen lichamelijke tocht meer. De pijn blijft, maar het lopen verplaatst zich naar de hersenen. Het is je doorzettingsvermogen dat ervoor zorgt dat je de finish haalt. Je hersenen zorgen ervoor dat je lichaam tot het uiterste gaat en uiteindelijk zijn grenzen overschrijdt. Je bent dan in staat tot prestaties die je zonder dat doorzettingsvermogen zeker niet haalt. Die je lichaam eigenlijk niet voor mogelijk houdt.

Maar wat is dan het belangrijkst? Je gevoel of je brein? Is het links (je gevoel) of rechts (je brein)? Er is echter geen keuze te maken. De keuze ligt niet bij die twee, maar bij de vraag: Voel ik me er gelukkig bij? Ja, het is geluk en tevredenheid die de keuze voor je maakt. Soms voel je je gelukkiger als je je gevoel volgt en in andere situaties je verstand. Gek genoeg is voor bijna iedereen uiteindelijk de verdeling 50-50. Want als de één de ander gaat overheersen, slaat het de verkeerde kant op. Dan krijg je overgevoeligheid of teveel verklaring vanuit het verstand.

Het antwoord is dus ja, je kunt je lichaam vertrouwen. Als je namelijk gelukkig bent met de verdeling van gevoel/verstand, zal je lichaam dat ook uitstralen. Geluk is dus de sleutel tot alles. Zorg dat je gelukkig bent, dan zal dat jou en je omgeving goed doen!

"Deze stad is een heks, weet u dat, Daniel? Ze gaat onder je huid zitten en steelt je ziel zonder dat je het doorhebt."
"Nu praat u net zo als Rociíto, Fermín."
"Lach niet, het zijn mensen zoals zij die van deze rotwereld een plek maken die de moeite waard is om te bezoeken."
"De hoeren?"
"Nee. Hoeren zijn we allemaal, vroeg of laat. Ik bedoel mensen met een goed hart."

 

(Vrij naar Carlos Ruíz Zafon: De Schaduw van de Wind)

Post Mortem

Post Mortem.

Sterven, het hoort bij het leven. Mensen zijn er bang voor, mensen zijn er naar op zoek. Ik niet. Ik hang ertussen, ik ben er nieuwsgierig naar.
Ik ben, zoals je in mijn vorige blog hebt kunnen lezen, nogal gesteld op het nadenken over zinloze dingen. Ik denk teveel, maar in mijn ogen kun je nooit teveel nadenken, als je maar geniet van het nadenken. Maar waar ik dus graag over nadenk is het volgende:

Ik ben nieuwgierig naar doodgaan. Niet naar de dood zelf, maar naar het moment dat je sterft. Het moment dat het licht uit je ogen verdwijnt, dat je lichaam zich voor de laatste keer ontspant. Er is daar een fractie van een seconde dat je doodgaat, maar ik vraag me al jaren af hoe dat moment zal zijn. Ik heb al regelmatig dingen geprobeerd die er in mijn ogen dicht bij in de buurt komen, zoals het bewust proberen meemaken van het moment van wakker naar slaap. Of van het moment dat je je narcose krijgt ingespoten om geopereerd te worden tot het moment dat je wegvalt. Ik moet eerlijk zeggen, ik kan het niet. Het moment is niet mee te maken, omdat je hersenen op dat moment wegvallen in een soort trance. Je bewustzijn wordt uitgeschakeld, precies op het moment dat ik juist bewust wil zijn.
Dat is aan de ene kant heel frustrerend, maar aan de andere kant houdt het me nieuwsgierig. Ik ben niet suïcidaal, absoluut niet. Maar nieuwsgierig ben ik wel.

Wat gebeurt er als je dood bent? Zie je jezelf van bovenaf? Gaat het licht volledig uit en verdwijn je volledig? Wordt je op hetzelfde moment als ziel in een nieuwe behulzing geboren, als dier of mens? Ik weet het niet. Ik wil het ook eigenlijk niet weten, maar toch ook weer wel. Ik heb wel een idee daarover, dat in het verlengde ligt van wat ik eergister schreef. Zal kijken of ik een goed voorbeeld kan geven:
Ik heb een vriend die op dezelfde datum jarig is, van exact hetzelfde jaar, maar 5.5 uur eerder geboren is. Wat ik me afvraag: Was ik hem geweest als ik 5.5 uur eerder geboren was? Of was ik dan nog dezelfde geweest? Of misschien wel totaal iemand anders? Dat zou totaal te maken hebben met exacte toeval, zoals ik dat in mijn vorige blog beschreef. Als ik 1 seconde eerder of later was geboren, wie was ik dan geweest?

Zo ben ik ook nieuwsgierig naar hoe mijn eigen begrafenis gaat zijn. Wie komen er, wie gaat er speechen en hoe, wie moet er hardst huilen en wie is er aanwezig door afwezigheid? Kan ik meekijken vanaf een hoger platform of is mijn bewustzijn volledig verdwenen? Ik ben er benieuwd naar. Is dat eng? Nee, dat is niet eng en ook niet gek. Soms moet je dingen al voornemen of er al een keer over nadenken om te kijken hoe je bewustzijn daarop reageert. Misschien dat ik over een aantal jaar al alles tot in de puntjes geregeld heb, misschien denk ik er over een aantal jaar, door wat ervaring, totaal anders over. Ik laat het maar op me afkomen, maar ik heb er in ieder geval over nagedacht.

Ik geniet volledig van het leven en er mag van mij geen eind aan komen en als dat eind komt, wil ik zelfs daar nog van genieten!Wat dat betreft ben ik dus een genieter; ik geniet van de gekste dingen.

Death is just another path, one we all must take.
What matters is what to do with the time that is given to you.

De wereld van Steven

De wereld van Steven

Sofie Amundsen is een doodgewoon meisje. Totdat ze een brief krijgt van een onbekende man, die haar de beginselen van de filosofie leert. Socrates, Aristoteles en Plato krijgen allemaal hun plekje in het leven van de 14-jarige. Ze leert en leeft ze allemaal, van de drie ouden naar de nieuwen als Freud, Marx en Kant.

Filosofie is iets moois. Het is speculeren, het is gissen, het is toekomstwerk, het is heerlijk! Het nadenken over de vragen des levens is zinloos, maar evenwel heerlijk. Vooral omdat je je eigen gedachten kunt laten gaan, elke link kunt leggen, zonder daar op te worden afgestraft door godsdienstigen of wetenschappers. Eigenlijk is Filosofie de kunst van de vrijheid. Niets is onlogisch, niets kan onmogelijk.

Maar wie kan er nou nog filosoferen, nu de hele werkelijkheid aan banden ligt. We hebben overal een naam voor, er is niets meer te filosofen...

...Niets meer? Jawel. Toeval. In mijn ogen het mooiste onderwerp om over te filosoferen. Bestaat toeval nu wel of niet? Wat is toeval? Toeval is het verschijnsel dat niet te verklaren lijkt, maar gewoon gebeurt, op een fout of op een goed moment. Kom je een persoon toevallig tegen: "Dat is ook toevallig!", maar nee...je komt niemand toevallig tegen. Alles heeft namelijk een reden. Want misschien heb jij in aanloop naar deze ontmoeting wel een pot verf gekocht. Voor die pot verf werd €14.79 betaald, die in de kassa van Timmermans BV. ging. Wat jij echter niet wist, is dat mijnheer Timmermans regelmatig in het casino komt en daar dan veel gokt. Dat briefje van 10 waar jij mee betaald hebt, gaat naar de Roulettetafel en word ingeleverd tegen een aantal fiches. Het tien eurobriefje blijft echter in de safe liggen, totdat de toevallige persoon in hetzelfde casino €310,- wint. Zij (maak er even een zij van) krijgt het briefje van tien in handen en juist die tien euro zorgt ervoor dat ze gaat winkelen. Tijdens het winkelen komt ze je tegen. Voila, de link!

Dit is natuurlijk enorm onwaarschijnlijk, schijnbaar onmogelijk. Maar wie zegt dat deze link niet kan zijn. De kans is nihil, dat weet ik, maar de ontmoeting heeft een reden. Een reden die je zelf hebt uitgelokt. Toeval bestaat niet, je hebt alles in eigen hand. Om het nog ingewikkelder te maken, voeg ik hier nog iets aan toe. Wat nou als ik die verfpot een seconde eerder had gekocht of ik was door een onvoorziene, niet toevallige wijze niet eens aangekomen bij de verfwinkel? Waar leg je dan de link?

Dat is precies hetgeen waar ik heen wil. De filosofie is oneindig, je kunt blijven filosoferen over de meest nutteloze zaken, maar zelfs dan, is het met een beetje interesse spannend te krijgen. Het leven lijkt nu eenmaal aan elkaar te hangen van toevalligheden, maar een toevalligheid is geen toeval. Zelfs die toevalligheid heeft een reden.

Cogito, Ergo Sum! Ik denk, dus ik ben!

Mijn foto